Onderzoek naar de huiszwam

Al langer dan een eeuw wordt de huiszwam als de voornaamste en gevaarlijkste plaag in woningen en gebouwen gezien. Maar onderzoek naar de huiszwam begon pas vanaf de jaren ’50. Tot op de dag van vandaag wordt er onderzoek gedaan ter verbetering van bestrijdingsmethoden. Het is erg belangrijk om over de zwam zoveel mogelijk te weten te komen. Hieronder volgen enkele resultaten over de onderzoeksmethoden en de opsporingsmethoden.

Onderzoeks- en opsporingsmethodes zwambestrijding

Voeding van de zwam
De huiszwam haalt minerale voedingsstoffen uit de bodem onder de houten vloer van een aangetast huis. Om te groeien heeft de zwam veel stikstof nodig. De huiszwam kan zich beter op de bodem ontkiemen dan op een houten ondergrond. De reden hiervoor is dat hout weinig stikstof bevat.

Groei van de zwam
De huiszwam kan bij een temperatuur van 20°C en een vochtgehalte van het hout van 20% tot 30% bijna 2 meter per jaar groeien. De huiszwam kan zich onder zuurstofarme omstandigheden prima verspreiden. De huiszwam kan goed groeien in slecht geventileerde vertrekken. De zwam wordt altijd dichtbij een vochtbron gevonden. Bij werkzaamheden in een huis in Haarlem bleek dat in een half jaar tijd de huiszwam dwars door een mat van glaswol groeide met een gemiddelde snelheid van 5 cm per week.

Opsporing van de zwam
Het opsporen van houtrot, veroorzaakt door huiszwam in een vroeg stadium, is lastig. Daarom maakt Bescon gebruik van verschillende opsporingsmethoden. Door gebruik te maken van deze verschillende opsporingsmethoden kan Bescon er achter komen in welke fase de zwam verkeert. Op deze manier is het mogelijk om de huiszwam op te sporen voordat vorming van vruchtlichamen plaatsvindt.

Wilt u meer informatie? Bel dan gerust naar 0800-258-0000

Recente projecten